Aanbod middelgrote en kleine verslavingszorginstellingen onder de maat
Van de redactie
Veel nieuwe aanbieders van verslavingszorg werken op basis van hun eigen ervaringen. Zij menen dat zij het beter kunnen dan de zorg die zij eerder zelf kregen. Maar daarbij volgen zij niet of zeer beperkt de algemeen erkende en wetenschappelijk bewezen behandelrichtlijnen.
Verder besteden veel zorgaanbieders een deel van de zorg uit aan klinieken in het buitenland. Zij bieden dan alleen een vervolgtraject als ‘nazorg’ op een detoxbehandeling ergens anders.
Ook komt het voor dat een zorgaanbieder juist alleen een kortdurende detoxbehandeling biedt, maar niet het noodzakelijke vervolg. Onderling contact met andere (eerdere of latere) behandelaars over een cliënt ontbreekt dan meestal.
Veel zorgaanbieders hebben geen of te weinig aandacht voor de behandeling van andere mentale problemen van hun cliënten en hebben daar ook geen verstand van. Zij richten zich alleen op het stoppen van de verslaving. Terwijl onderliggende mentale problemen vaak een grote rol spelen bij een verslaving.
Veel instellingen bieden al hun cliënten dezelfde standaardbehandeling, los van de persoon. Hoe lang een klinische behandeling duurt varieert sterk, van 2 tot 8 weken. Voor de lengte van de behandeling is vaak de financiering door zorgverzekeraars bepalend.
Bij sommige instellingen is de medicatieveiligheid niet in orde: onduidelijke protocollen over het verstrekken van medicijnen, een onoverzichtelijke medicijnkast, medicijnen die over de datum zijn.
Aanbevelingen
Naast de noodzaak dat zorginstellingen zelf het nodige verbeteren, heeft de inspectie ook aanbevelingen aan andere partijen. Kleine, middelgrote en grote instellingen in de verslavingszorg moeten veel meer samenwerken om de kwaliteit van de zorg in de hele sector op een hoger niveau te brengen. Dat kan in netwerken en via koepelorganisaties, landelijk maar ook regionaal. Verschillende partijen (de geestelijke gezondheidszorg, zorgverzekeraars) moeten onderzoek doen naar de kansen en risico’s van verslavingszorg in het buitenland. En naar het vervolg van de zorg aan een cliënt bij terugkeer in Nederland. Zorgverzekeraars kunnen beter kijken naar de kwaliteit en de continuïteit van de verslavingszorg bij kleine en middelgrote instellingen.






















































































































